Bedrijven komen er graag mee in het nieuws en besteden er een mooie, uitgebreide pagina aan op hun website. De Vlaamse overheid probeert het principe al sinds 2000 te verspreiden. Zelfs de VN werkt er al sinds 1999 rond. Wat vroeger ook Corporate Social Responsibility genoemd werd, duikt vandaag als maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) op.

MVO kan het best gezien worden als een continu verbeteringsproces waarbij ondernemingen vrijwillig op systematische wijze economische, milieu- en sociale overwegingen op een geïntegreerde manier in de gehele bedrijfsvoering opnemen, waarbij overleg met de stakeholders, of belanghebbenden, van de onderneming deel uitmaakt van dit proces. De ondernemingen kunnen zowel social profit als profit bedrijven zijn. Het is zeker niet de bedoeling dat enkel een aantal specifieke ondernemingen met een duidelijk maatschappelijk doel, zoals ziekenhuizen en beschutte werkplaatsen deze economische, milieu- en sociale overwegingen maken. In ieder geval kende de Vlaamse overheid zich een voorbeeldfunctie toe en zal het MVO tegen 2020 actief verspreiden.

Die overwegingen kunnen als de 3 P’s of de duurzame driehoek samengevat worden: Profit, Planet en People. Profit erkent dat winst belangrijk blijft binnen de onderneming, maar die moet gecreëerd worden door de maatschappelijke waardering van de goederen of diensten die ze aanbiedt. Planet slaat op het respect voor het milieu. Bedrijven kunnen hier aan werken door te recycleren, door een duurzaam mobiliteitsplan op te stellen, door te werken aan energie-efficiëntie, etc. People heeft het over de sociale impact van een bedrijf op zijn omgeving: respecteert het de mensenrechten? Staat het sociaal overleg toe? Werkt het aan competentieontwikkeling, aan een goede combinatie werk-gezin, aan diversiteit? Wat doet het voor de veiligheid en gezondheid van zijn werknemers en de omwonenden? Hoe onderhoudt het zijn klantenrelaties?

Hoera voor maatschappelijk verantwoord ondernemen?

Wij zouden als linkse rakkers blij moeten zijn dat ondernemingen ecologische en sociale normen steeds meer en expliciet in hun bedrijfsvoering opnemen. Zeker wanneer het gaat om een “geïntegreerde aanpak” die meer voorstelt dan maatschappelijke betrokkenheid of liefdadigheid en om een werkelijk “overleg met de stakeholders”. Bedrijven kunnen erbij winnen door grotere efficiëntie, goede relaties, een lange termijnvisie en … een mooi imago. MVO slaat opvallend genoeg vooral aan bij bedrijven die actief zijn op consumentenmarkt. Het laat hen toe zich te onderscheiden van de concurrentie en zo meer winst te creëren.

Want daar draait het bij ondernemingen nog steeds om: winst. MVO-projecten komen niet van de grond wanneer ze veel financiële middelen en tijd vragen. Sommige critici van MVO stellen daarom dat ethische principes en bedrijfsvoering inherent altijd zullen botsen.

Een andere kritiek ligt in het vrijwillige karakter van MVO. Bedrijven gebruiken Corporate Social Responsibility en maatschappelijk verantwoord ondernemen al jaren om de overheid buiten te houden en een wetgevend kader te vermijden. Hun engagement heeft vaak weinig waarde. In 1999 creëerde toenmalig VN Secretaris General Kofi Annan bijvoorbeeld het UN Global Compact-logo. Dit exclusieve logo zou worden toegekend aan bedrijven wanneer ze binnen hun beleid tien universeel aanvaarde principes inzake mensenrechten, arbeid, milieu en anti-corruptie zouden nastreven. In het lijstje van bedrijven die het logo verkregen, duiken onder andere Dexia en Inbev op. Twee bedrijven die zich de laatste tijd niet bepaald via hun maatschappelijke verantwoordelijkheid lieten kennen.

Een mondiaal alternatief

Anderzijds gaan nationale overheden nieuwe regelgeving liever uit de weg. Het zou hun concurrentiepositie ten opzichte van andere landen te zeer kunnen aantasten. Ontwikkelingslanden die hun arbeidskrachten zo goedkoop mogelijk willen aanbieden, geven multinationals vrij spel. De EU van zijn kant werkte wel aan een ecologische wetgeving wanneer dit toeliet zijn interne markt af te schermen voor goedkope goederen uit Azië.

Een alternatief lijkt alleen voor handen te zijn op internationaal niveau. Enkel op die manier kan voorkomen worden dat ondernemingen steeds de grens overspringen, op zoek naar zo laag mogelijke ecologische en sociale standaarden. Op dit ogenblik beroepen multinationals zich voor hun rechten al op het internationaal recht en op arbitrage door de Wereldbank. Het wordt tijd dat ook hun plichten aan het internationale recht getoetst kunnen worden. Maatschappelijk verantwoord ondernemen mag dan al het nieuwe modewoord zijn, het is nog lang geen evidentie. De zwakke stakeholders zullen nog vaak op straat moeten komen voor ook hun visie in de bedrijfsvoering geïntegreerd wordt.

Meer info: Kenniscentrum MVO Vlaanderen, UN Global Compact

Lees Maatschappelijk verantwoord ondernemen: een evidentie? in PDF.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *